Posts tonen met het label 2015. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2015. Alle posts tonen

donderdag 24 maart 2016

James Thomson | Cold Moon


Alles aan James Thomson ademt americana, althans op zijn tweede plaat Cold Moon: muziek, foto’s, teksten en sfeer. Alleen, James Thomson komt uit Newcastle, New South Wales, Australië. Nu heeft de Australische outback veel gemeen met het Amerikaanse Westen, maar toch ging Thomson in de Amerikaanse desert en The Deep South op zoek naar inspiratie. Hij reisde een winter doelloos rond, zoog zichzelf vol en dook vervolgens met zijn band de Australische studio in.
James Thomson debuteerde in 2012 met het zelfgetitelde album. Hierop is een nog jonge singer-songwriter te horen, die in de traditie blijft. Hoe anders is dat op Cold Moon. Het geluid is rijker, dieper; de traditionalist maakt plaats voor de outlaw renegaat. In de zang is de countryblues-benadering, droog, onopgesmukt, á la Townes Van Zandt nog wel waar waar te nemen zoals in de magnifieke opener, de titelsong: ‘Cold Moon’. Maar Thomson zoekt ook de countrysoul van het Diepe Zuiden en de verlaten backroads op. Een zoemend orgel en laidback gitaarlicks refereren dan ook bijna rechtstreeks aan The Band, Bobby Charles en J.J. Cale, waardoor ‘How Long’ een stroperige, zwoele backpoarch song wordt en ‘Crooked Smile’ heerlijk achterover leunt. ‘Can’t Go Home’ is bijna een talkingblues, ‘Heartless’ sleept en trekt en ‘Just For Tonight’ grijpt bij de kladden. James Thomson weet gewoon in alle situaties en hoedanigheden de juiste snaar te raken, wat dus een machtig album oplevert. Gezien de huidige onbekendheid van James Thomson zou Cold Moon in de toekomst best wel eens beschouwd kunnen worden als een americana-klassieker. We zullen het zien.

Cold Moon / Time Is Ticking / Highway Nights (I Wanna Be) / How Long / I Don’t Mind / Crooked Smile / Red Dirt / Can’t Go Home This Way / Going Away Party / Heartless / Just For Tonight / Runaway Heart

woensdag 3 februari 2016

David Corley | Available Light



Een mislukt leven, althans tot de 50-plus leeftijd, leidt dan toch tot een magnifiek album: Available Light is in 2015 de debuutplaat van de 53-jarige David Corley. Corley, afkomstig uit Lafayette, Indiana, heeft er een lange weg voor moeten afleggen. Rond zijn 20-ste verliet hij de universiteit van Georgia en schraapte vervolgens zijn kostje bij elkaar met baantjes als chauffeur voor een autoverhuurbedrijf, barkeeper en dakdekker. Het brengt hem zowel tot New York aan de Oostkust als tot Venice Beach, Los Angeles aan de Westkust. Op 40-jarige leeftijd krijgt hij echter een serieus hartinfarct - en dat brengt hem terug naar Lafayette, Indiana. Het is vanuit hier waar Corley zich uiteindelijk richt op een carrière - een groot woord - als singer-songwriter. Want na al die omzwervingen is David Corley een wijze maar ook gebutste man, die gewapend met een gravel-stem zijn levenservaringen in geweldige songs stopt. Dat blijkt wel uit Available Light  - opgenomen in een postkantoor in Ontario, Canada en in Brooklyn, New York. Het album heeft en schitterende sound met jengelende countrygitaren en barroom-piano, refererend aan een klassieke sound, die zowel Neil Young, Van Morrison, Tom Waits als Lou Reed oproept. Niet de minsten dus. In opener en titelsong ‘Available Light’ laat Corley via zijn diepe bariton weten dat the book, well it’s a movie now / ‘bout how I was busted up and laid out. Verder gaat het met downbeat songs als ‘Beyond The Fences’ en het voorlopige hoogtepunt: ‘Easy Mistake’, waarop Corley sterk leunt op Lou Reeds ‘Coney Island Baby’. In verhalende songs, die enerzijds een landelijk, laidback karakter hebben zoals ‘Unspoken Thing’ en anderzijds de Closing Time-Tom Waits-achtige liedjes ‘Lean’ en het met strijkers verrijkte ‘Neptune/Line You’re Leavin’ From’ etaleert de late debutant zijn klasse. ‘The End of My Run’ is dan een - come hell, high water or blood - zinderende gospelblues, waarna de afronding volgt met ‘The Calm Revolution’, een stroperige, zompige rocksong. Available Light is aldus een schitterend rockalbum en de ontvangst ervan een geschenk voor David Corley. Het succes van Available Light brengt hem op een tournee door Europa en ook naar een optreden op het Groningse TakeRoot-festival op 12 september 2015. Maar daar slaat het noodlot toe; David Corley zakt op het podium in elkaar en wordt afgevoerd naar het ziekenhuis. Zijn intens gebruikte hart laat het afweten. Op zijn website verschijnt naderhand het bericht dat David Corley volledig zal herstellen.

Available Light / Beyond The Fences / The Joke / Easy Mistake / Dog Tales / Unspoken Thing / Lean / Neptune/Line You’re Leavin’ From / The End Of My Run / The Calm Revolution

dinsdag 1 december 2015

Jim O’Rourke | Simple Songs



Jim O’Rourke kan als beste beschouwd worden als een avant-gardist. Zijn studie aan de DePaul University in Chicago, Illinois richtte zich op experimentele muziek. Hij collaboreerde met exoten als Mayo Thompson, Henry Kaiser en de New Yorkse noise-rockers Sonic Youth. Hij was voorts betrokken als producer en mixer bij klassieke albums als Wilco’s Yankee Hotel Foxtrot (2002) en Joanna Newsoms Ys (2006). Maar O’Rourke maakte ook onder eigen naam muziek, onder andere met Wilco’s Jeff Tweedy als Loose Fur, en de solo-albums Eureka (1999) en Insignificance (2001) - beide albums min of meer song-georiënteerd. Het is het territorium alwaar O’Rourke het best beluisterbaar is en waar hij van de critici de meeste credits krijgt. Maar rondom die O’Rourke was het lang stil. Tot mei 2015.   
Dan verschijnt Simple Songs, opgenomen in O’Rourke’s nieuwe thuisland Japan - en geheel opgenomen met Japanse musici. O’Rourke breekt dan ook met de traditie om zijn albums te vernoemen naar speelfilms van de experimentele Britse regisseur Nicholas Roeg, want nu heet zijn album simpelweg Simple Songs. Maar simpele songs zijn het allerminst.
O’Rourke is ook beter gaan zingen, bovendien genereert zijn gedubbelde stem fraaie koortjes - hiermee begeeft hij zich op het terrein van de baroque-pop; het terrein van Curt Boettcher en diens fabelachtige There’s An Innocent Face (1972). Vanzelfsprekend haalt O’Rourke binnen zijn fraai geconstrueerde popstructuren het nodige overhoop: jazzy ritmes; pastorale, folky verstilling; dynamische, progressive sfeerwisselingen. Het is allemaal van een doordachte schoonheid. Acht ogenschijnlijke Simple Songs - maar alle rijkelijk voorzien van schitterende arrangementen - met in het hart daarvan de meeslepende, songs ‘Hotel Blue’ en ‘These Hands’, beide geornamenteerd met pedal steel. Piano, orgel en strijkers maken voorts van ‘Last Year’, ‘End Of The Road’ en ‘All Your Love’ barokke meesterstukken met een zware jaren zeventig progrock-lading. Simple Songs is, hoewel misschien te vroeg om te poneren, simpelweg een onmiskenbaar meesterwerk - zoiets als Liam Hayes’ Fed in 2002. Voor beiden geldt: eens komt de erkenning. 

Friends With Benefits / That Weekend / Half Life Crisis / Hotel Blue / These Hands / Last Year / End Of The Road / All Your Love

zaterdag 31 oktober 2015

The Apartments | No Song, No Spell, No Madrigal

The Apartments, uit Brisbane, Australië, was toch altijd wel een mysterieuze band. En dat werd veroorzaakt door de fragiel-romantische Peter Milton Walsh. Hij maakte deel uit van The Go-Betweens, maar ook al wilden Forster en McLennon hem binnenboord houden, Walsh ging toch zijn eigenwijze gang met zijn Apartments, die dan ook in 1985 op het Rough Trade-label debuteerden met het schitterend melancholieke The Evening Visits… And Stays For Years. Een verhuizing naar New York en drie albums later, en er was geen Apartments meer; opgelost in de mist. Het talent van Peter Walsh leek te zijn verdampt; opgebrand. Maar o wonder, via voornamelijk Franse crowdfunding heeft Walsh na 18 jaar een nagelnieuw Apartments-album weten te produceren: No Song, No Spell, No Madrigal. Het is een werkelijk schitterend comeback-album, waarop Walsh de draad weer oppakt van een eens beloftevolle carriere. Older, sadder and wiser, laat Walsh de luisteraar alle hoeken van de kamer zien met zijn weemoedige, intense songs, diepgevoeld gezongen en bovendien prachtig georkestreerd. Het titel- en openingsnummer is gelijk al schitterend: stroperige bas, mineure gitaarakkoorden en tinkelende piano-akkoorden begeleiden Walsh’ beklemmende zang. Walsh legt een overweldigende hoeveelheid emotie in zijn stem en laat die in de prachtige liedjes vergezellen door fraaie sirenenzang, bloedrode strijkers en een verdwaalde Chet Baker-trompet. Uit het overweldigende Twenty One spreekt bovendien een intense droefheid over een groot verlies. De jazzy hoesafbeelding van een winters New York draagt daarbij in optima forma bij aan de statige pracht van No Song, No Spell, No Madrigal; een in memoriam voor Walsh’ overleden zoon Riley. 

No Song, No Spell, No Madrigal / Looking For Another Town / Black Ribbons / Twenty One / The House That We Once Lived  In / September Skies / Please, Don’t Say Remember / Swap Places

woensdag 14 oktober 2015

Israel Nash | Silver Season

Met de verhuizing van New York naar  Dripping Springs, Texas maakte ook de John Fogerty in Israel Nash Gripka plaats voor Neil Young. Daarbij verdween ook het achtervoegsel Gripka. Israel Nash’ vierde album is in navolging van Rain Plans (2013) dan ook een retroklassiek jaren zeventig Westcoast-album. Nash voert op Silver Season zijn fascinatie voor de Harvest-Neil Young nog verder door dan op de voorganger - wat al zo’n wonderschone plaat was. Dat betekent dat naast Nash’ heerlijk nasale zang de weg vrijgemaakt wordt voor prachtig gitaarwerk en een amechtig jankende pedal steel. In negen traag slepende songs zuigt Nash de luisteraar binnen naar een ouderwetse wereld waar lang haar en denim regeerde - en Crosby, Stills, Nash & Young, The Byrds en The Eagles de dienst uitmaakten. Met geweldig uitgesponnen songs als LA Lately en Strangers als superieure hoogtepunten. De rest doet er bijzonder weinig voor onder; kortom een jaarlijstjesplaat voor de americana-liefhebber.

Willow / Parlour Song / The Fire & The Flood / L.A. Lately / Lavendula / Strangers / A Coat of Many Colors / Mariner’s ode / The Rag & Bone Man