zaterdag 16 januari 2016

David Bowie | Ziggy Stardust: The Motion Picture

Londen, Hammersmith Odeon, dinsdag 3 juli 1973. David Bowie And The Spiders From Mars voltooien de Aladdin Sane-tournee, die een gigantisch succes is. Maar dan, aan het einde van het concert: ‘This particular show will remain with us the longest, because… not only is it… not only is it the last show of the tour, but it’s the last show we’ll ever do. Thank you.’ Toepasselijk is dan de laatste toegift: ‘Rock ’n’ Roll Suicide’. Iedereen geschokt. Letterlijk. Dit eerste laatste concert werd op film vastgelegd door de fameuze D.A. Pennebaker, maar hij wist niets van Bowie’s vaarwelspeech, evenmin als Bowie’s band. Bowie had echter wel gelekt naar de muziekpers; voor een maximaal publicitair effect.
Al direct verscheen er op het beruchte Takrl-label een bootleg van het concert, en Pennebakers bioscoopfilm Ziggy Stardust And The Spiders from Mars ging al in december 1973 in première. De live-dubbelaar Ziggy Stardust: The Motion Picture kwam pas in oktober 1983 op de markt - en is officieel de derde Bowie-liveplaat. Een liveplaat die begint met een fragment van Beethovens negende. Dan storten The Spiders From Mars, strak geleid door de platinablonde gitarist extraordinair Mick Ronson, zich op ‘Hang On To Yourself’ en gaat Bowie helemaal loos. Afgewisseld door een half dozijn bizarre kostuumwisselingen doorlopen Bowie en zijn Spiders het repertoire van de succesalbums Ziggy Stardust en Aladdin Sane, spelen covers van Jacques Brel, The Rolling Stones en The Velvet Underground en ook een versie van ‘All The Young Dudes’, de hit die Bowie gunde aan Mott The Hoople. Naast ‘Moonage Daydream’, ‘Watch That Man’, ‘Time’ en het klassieke ‘Space Oddity’ speelt de band ook de hit ‘Jean Genie’ - waarvoor Jeff Beck als gastgitarist is uitgenodigd, maar Beck - niet tevreden over zijn performance - weet te voorkomen dat de opnamen van zijn optreden worden gebruikt voor film en soundtrack - die overigens wel te horen zijn op de bootlegplaat. 
Als Ziggy Stardust: The Motion Picture wordt gereleased weet iedereen al dat de glibberige, kameleontische Bowie helemaal geen afscheid nam. Het enige wat hij wilde was zich losweken van het Ziggy Stardust-personage en van de ballast van zijn begeleidingsband. Daarbij, het was een geniale stunt. Drie maanden na Bowie’s vermeende afscheid lag het cover-album Pin Ups alweer in de winkel. Geniale Bowie-manipulatie. 

Hang On To Yourself / Ziggy Stardust / Watch That Man / Wild Eyed Boy From Freecloud / All The Young Dudes / Oh! You Pretty Things / Moonage Daydream / Space Oddity / My Death / Cracked Actor / Time / Width Of A Circle / Changes / Let’s Spend The Night Together / Suffragette City / White Light/White Heat / Rock ’n’ Roll Suicide 

zondag 10 januari 2016

David Bowie | David Live

David Live is in 1974 het eerste live-album van David Bowie. De live-dubbelaar is in oktober ’74 de opvolger van Diamond Dogs en brengt een persona voor het voetlicht dat zich bevindt tussen Ziggy Stardust en The Thin White Duke. Een wat - voor Bowie-begrippen althans - non-descripte figuur in een wijd kostuum temidden van een gigantische, Broadway-achtige setting. Een setting - die door dertig man moet worden opgebouwd - die de dan door cocaïne geteisterde Bowie vier miljoen dollar kost om door de Verenigde Staten te slepen. Een decadent gebeuren dat Bowie’s management aan de rand van de afgrond brengt.
De kern van Bowie’s setlist bestaat uit de songs van Diamond Dogs, een dystopisch, over de top conceptalbum, aangevuld met klassiek repertoire. The Spiders From Mars hebben het veld geruimd ten faveure van een uitgebreid Brits/Amerikaans orkest - met een hoofdrol voor de Amerikaanse gitarist Earl Slick. Aan het hoofd van de band staat een superieure Bowie, die zijn mix van glam, rock, blues en soul kil en afstandelijk voor het voetlicht brengt. Opgenomen op 14 en 15 juli 1974 in de Tower Theatre in Philadelphia, is David Live niettemin een geweldig live-document van de kameleontische, doorgetripte Bowie anno 1974.  

1984 / Rebel Rebel / Moonage Daydream / Sweet Thing / Changes / Suffragette City / Aladdin Sane / All The Young Dudes / Cracked Actor / Rock ’n’ Roll With Me / Watch That Man / Knock On Wood / Diamond Dogs / Big Brother / Width Of A Circle / Jean Genie / Rock ’n’ Roll Suicide                    

zondag 27 december 2015

Whiskeytown | Strangers Almanac

Toen eind 1997 Whiskeytowns Strangers Almanac verscheen, had Nederlands meest toonaangevende muziekschrift er slechts een paar woorden voor over. Geen aandacht voor Whiskeytown; geen bladruimte voor Ryan Adams. Een schromelijke vergissing omdat als snel zou blijken dat Whiskeytown naast The Jayhawks en Wilco de countryrock aan een eigentijds imago zou helpen. Voorman Ryan Adams werd en wordt in sommige kringen zelfs beschouwd als de persoon waarin Gram Parsons en Kurt Cobain samengaan.
Als Adams in 1995 de countrymuziek van George Jones en Gram Parsons ontdekt richt hij in Raleigh, North Carolina Whiskeytown op, waarna de band een jaar later getekend wordt door Geffen-dochter Outpost. In 1996 debuteert Whiskeytown met Faithless Street, dat nog allerminst opvalt. De opnamen voor de tweede plaat worden aanvankelijk afgekeurd, waarop Whiskeytown in Nashville, Tennessee wordt opgesloten met producer Jim Scott (Neal Casal, Wilco, The Jayhawks) om het nog eens over te doen. Het valt de rebelse Adams niet mee, niettemin levert het een schitterend album op: Strangers Almanac. 
Opvallend is de organische benadering, vormgegeven door de akoestische gitaren van Adams en van Phil Wandscher, en de fiddle van Caitlin Cary. Het merendeel van de stemmige countryrocksongs wordt bovendien opgeluisterd door Joe Ginty’s Hammond en de pedal steel van maestro Greg Leisz. Whiskeytowns afwisselend weemoedige en rauwe neo-countryrock levert parels op als ‘Inn Town’, ‘Everything I Do’, ’16 Days’, ‘Yesterday’s News’, ‘Turn Around’ en ‘Waiting To Derail’. Gezamenlijk maken ze van Strangers Almanac een baanbrekend album en een ware alt.countryklassieker.
Een klassieker die overigens pas jaren later op ware waarde geschat wordt. En dan is het te laat, want Ryan Adams verlaat het Whiskeytown-schip en verrast in 2000 vriend en vijand met het waarlijk iconische solo-album Heartbreaker. Maar een jaar later blijkt er nog een Whiskeytown-album op de plank te hebben gelegen: Pneumonia is de zwanenzang en het bijna-meesterwerk dat de korte en heftige Whiskeytown-periode fraai afrondt.

Inn Town / Excuse Me While I Break My Own Heart Tonight / Yesterday’s News / 16 Days / Everything I Do / Houses On The Hill / Turn Around / Dancing With The Women At The Bar / Waiting To Derail / Avenues / Losering / Somebody Remembers The Rose / Not Home Anymore  

dinsdag 15 december 2015

Landslide | Two Sided Fantasy

Een album uitgebracht op het grote Capitol-label en toch een debacle, het overkomt Landslide, een veelbelovende rockband uit Westbury in de staat New York. Leadgitarist Billy Savoca vormt zo rond 1969 een duo met zanger Ed Cass, welk duo al snel wordt uitgebreid met een drummer, bassist en slaggitarist afkomstig uit bluesband Trax. Na een paar lokale optredens en de opname van een singletje raakt United Artists geïnteresseerd en laat Landslide eind '71 een album opnemen. Dat laat het label weten dat de band verkocht is aan Capitol en gebeurt er niets. Een jaar later – de band is dan al uit elkaar gegaan – ligt plotseling Two Sided Fantasy in de winkels. Een ontbrekende verkoopcampagne en de slechte verkopen staan in sterk contrast met de muzikale pracht van het album. Landslide heeft een transparante hardrocksound die zowel overeenkomsten heeft met labelgenoten Grand Funk Railroad als met de acid-rock van Moby Grape en de heavy popsound van Big Star. Hemelse melodieën, blues-riffs en slide-gitaar wisselen elkaar af in acht ijzersterke composities, waarvan de machtige openingstrack 'Doin' What I Want' de toon zet. Zachte gitaren en een pastorale sfeer verlenen 'Creepy Feelin' en 'Little Bird' muzikale gratie, terwijl het uitgesponnen 'Everybody Knows (Slippin')' lekker leunt op de sound van Johnny Winters Second Winter en het broeierige 'Dream Traveler' aan Blue Öyster Cult herinnert. Two Sided Fantasy past geheel in de era van kristalheldere hardrock, vermengd met psychedelica en melodieuze rock. Alleen, waar vele bands slagen en grote populariteit verwerven, daar is Landslide onterecht een verliezer. Two Sided Fantasy is desalniettemin een rock classic, een bijzonder obscure rock classic, dat wel.

Doin' What I Want / Creepy Feelin' / Everybody Knows (Slippin') / Dream Traveler / Susan / Sad And Lonely / Little Bird / Happy        

dinsdag 1 december 2015

Jim O’Rourke | Simple Songs



Jim O’Rourke kan als beste beschouwd worden als een avant-gardist. Zijn studie aan de DePaul University in Chicago, Illinois richtte zich op experimentele muziek. Hij collaboreerde met exoten als Mayo Thompson, Henry Kaiser en de New Yorkse noise-rockers Sonic Youth. Hij was voorts betrokken als producer en mixer bij klassieke albums als Wilco’s Yankee Hotel Foxtrot (2002) en Joanna Newsoms Ys (2006). Maar O’Rourke maakte ook onder eigen naam muziek, onder andere met Wilco’s Jeff Tweedy als Loose Fur, en de solo-albums Eureka (1999) en Insignificance (2001) - beide albums min of meer song-georiënteerd. Het is het territorium alwaar O’Rourke het best beluisterbaar is en waar hij van de critici de meeste credits krijgt. Maar rondom die O’Rourke was het lang stil. Tot mei 2015.   
Dan verschijnt Simple Songs, opgenomen in O’Rourke’s nieuwe thuisland Japan - en geheel opgenomen met Japanse musici. O’Rourke breekt dan ook met de traditie om zijn albums te vernoemen naar speelfilms van de experimentele Britse regisseur Nicholas Roeg, want nu heet zijn album simpelweg Simple Songs. Maar simpele songs zijn het allerminst.
O’Rourke is ook beter gaan zingen, bovendien genereert zijn gedubbelde stem fraaie koortjes - hiermee begeeft hij zich op het terrein van de baroque-pop; het terrein van Curt Boettcher en diens fabelachtige There’s An Innocent Face (1972). Vanzelfsprekend haalt O’Rourke binnen zijn fraai geconstrueerde popstructuren het nodige overhoop: jazzy ritmes; pastorale, folky verstilling; dynamische, progressive sfeerwisselingen. Het is allemaal van een doordachte schoonheid. Acht ogenschijnlijke Simple Songs - maar alle rijkelijk voorzien van schitterende arrangementen - met in het hart daarvan de meeslepende, songs ‘Hotel Blue’ en ‘These Hands’, beide geornamenteerd met pedal steel. Piano, orgel en strijkers maken voorts van ‘Last Year’, ‘End Of The Road’ en ‘All Your Love’ barokke meesterstukken met een zware jaren zeventig progrock-lading. Simple Songs is, hoewel misschien te vroeg om te poneren, simpelweg een onmiskenbaar meesterwerk - zoiets als Liam Hayes’ Fed in 2002. Voor beiden geldt: eens komt de erkenning. 

Friends With Benefits / That Weekend / Half Life Crisis / Hotel Blue / These Hands / Last Year / End Of The Road / All Your Love

zondag 22 november 2015

Sonny Landreth | Outward Bound


Als John Hiatt in 1988 live het succes van Bring The Family wil kapitaliseren haakt Ry Cooder af en moet Hiatt op zoek naar een vervanger. Die vindt hij in de begenadigde bottleneck- en slidegitarist Sonny Landreth. Landreth, geboren in Canton, Mississippi - bluesterritorium - en opgegroeid in Lafayette, Louisiana, waar hij in aanraking komt met cajun en zydeco, wordt een van de Goners in Hiatts begeleidingsband. Hij speelt een prominente rol op Slow Turning (1988) en gaat toeren met Hiatt. Vervolgens neemt Landreth de Goners David Ranson (bas) en Kenneth Blevins (drums) mee om het nog eens solo te proberen, nadat hij eerder in 1981 een poging had gewaagd met Blues Attack en nog eens in 1985 met Way Down In Louisiana. Nu lijkt het tij wel gunstig, want Outward Bound wordt alom gunstig ontvangen. En niet voor niets: Landreths derde plaat - drie keer scheepsrecht - is een enorm swingende rockplaat, met een heerlijk pompende gumbo-sound. Vanzelfsprekend staat Landreths zeer herkenbare slide- en bottleneck gitaarspel op de Fender Stratocaster centraal; begeleid door bas, drums en de hammond en accordeon van Steve Conn. Hoewel opgenomen in Nashville, Tennessee is Outward Bound een 100% bayou-plaat, die in alles de swamps van Louisiana ademt. In de broeierige, sferische stukken (‘Soldier Of Fortune’, ‘Planet Cannonball’) zijn er overeenkomsten met de cajun-getinte albums van Daniel Lanois. In de swingende rocker ‘Common-law Love’ zingt Landreths voormalige werkgever John Hiatt zijn partijtje mee, maar Landreth kan het ook alleen, getuige ‘Back To Bayou Têche’, ‘New Landlord’ en de vuige blues ‘Speak Of The Blues’. Schitterend zijn ook de dobro-ballad ‘Sacred Ground’ en titelsong ‘Outward Bound’. Ronduit fenomenaal is de catchy rocksong ‘When You’re Away’ - die Landreth in een betere wereld een internationale hit had kunnen opleveren. Helaas. Gelukkig wordt Outward Bound in rock- en rootskringen terecht laaiend enthousiast ontvangen. Dat geldt overigens ook voor de opvolger South Of I-10 (1995), maar daarna is het heel lang stil en verliest Sonny Landreth als singer-songwriter zijn momentum.

Soldier Of Fortune / Back To bayou Têche / When You’re Away / Sacred Ground / New Landlord / Speak Of The Devil / Yokamoma / Planet Cannonball / Common-law Love / Bad Weather / Outward Bound

maandag 16 november 2015

Brent Best | Your Dog, Champ




Het laatste Slobberbone-album dateert alweer van 2002. Dat is een lange tijd geleden en het had er alles van dat Brent Best verloren zou zijn voor de rootsrock, totdat hij plots met Slobberbone in 2014 Nederland weer aandeed. Een aangename hernieuwde kennismaking, die nu nóg beter smaakt, nu Brent Best zijn eerste, sterke solo-album presenteert. Your Dog, Champ is een geweldige voortzetting van de iconische Slobberbone-sound, wat eerst en voornamelijk komt door Bests herkenbare, gruizige zang. Muzikaal is het allemaal wat rustiger, maar ook evenwichtiger. Opener Daddy Was A Liar is herkenbaar uit duizenden Slobberbone, maar heeft ook Springsteen-pretenties. Naarmate het album vordert wordt het trager, intenser en meeslepender. Thematisch cirkelt Best rondom het klassieke thema van een ongelukkige jeugd. Hij graaft naar zijn herinneringen en spijkert die vast in erg fraaie liedjes, waar nu zelfs een folky toets in te bespeuren valt. Hoogtepunten zijn er talloze: het tamelijk deprimerende Good Man Now, met huilende pedaal steel en gierende fiddle; sleutelnummer Robert Cole, versierd met strijkers en waarin de hond Champ uit de titel figureert; en het magnifiek slepende Tangled. Your Dog, Champ is een bijzonder geslaagd solo-debuut van een rauwdouwer die vooral zijn bespiegelende en mijmerende kant laat zien in prachtige singer-songwriterliedjes.

Daddy Was A Liar / Good Man Now / You Shouldn’t Worry / Aunt Ramona / Queen Bee / Travel, Again / Robert Cole / Career Day / Tangled / Clotine / It Is You